Home  Login  
Header payrollgroup
 

2007 - Juli

   
 

 

NIEUWSBRIEF - Jaargang 4 - Nr. 5 Juli 2007
 
Correctie onterechte bijtelling auto
De Belastingdienst heeft 4 opties gegeven om een onterechte bijtelling te corrigeren. Wanneer de werknemer toch minder dan 500 kilometer privé heeft gereden zijn de volgende opties tot correctie mogelijk:
  1. De werknemer stelt de werkgever op de hoogte van het feit dat de bijtelling ten onrechte was. De werknemer overlegt daarbij een rittenregistratie of ander bewijs. De werkgever dient vervolgens (vrijwillig) correctieberichten in over de reeds verstreken inhoudingstijdstippen.
  2. De werknemer stelt de Belastingdienst op de hoogte van het feit dat de bijtelling ten onrechte was (bezwaar/verzoek om ambtshalve vermindering). De werknemer overlegt daarbij een rittenregistratie of ander bewijs. De Belastingdienst legt een correctieverplichting op aan de werkgever.
  3. De werknemer geeft een lager loon dan wel negatief loon aan in zijn aangifte inkomstenbelasting en het bedrag aan daadwerkelijk ingehouden loonheffing. Als de inspecteur de aangifte accepteert, zal de te veel ingehouden loonheffing worden verrekend met de verschuldigde inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen hetgeen kan leiden tot een teruggaaf. De werknemer zal met behulp van een rittenregistratie of ander bewijs moeten bewijzen dat zijn loon in de loonbelasting niet juist is vastgesteld.
  4. Ingeval de werknemer nog niet eerder actie heeft ondernomen, hij aangifte heeft gedaan overeenkomstig zijn jaaropgave (met het hogere loon) en de aanslag over het desbetreffende jaar al conform zijn (onjuiste) aangifte is vastgesteld, kan de werknemer bezwaar maken tegen de vastgestelde aanslag. De werknemer zal moeten bewijzen dat zijn loon in de loonbelasting en ook zijn loon in de inkomstenbelasting, niet juist is vastgesteld. Hij kan dit doen met behulp van een rittenregistratie of ander bewijs.

Het is handig dat de Belastingdienst diverse mogelijkheden biedt om een onterechte bijtelling te corrigeren. Voor de werkgever zijn optie 3 en 4 het minst bewerkelijk; de werknemer corrigeert de bijtelling dan via de aangifte inkomstenbelasting. Optie 1 heeft de minste voorkeur, omdat de werkgever dan geconfronteerd kan worden met een naheffingsaanslag als de Belastingdienst bij een controle oordeelt dat niet (voldoende) bewezen is dat de bijtelling toch achterwege kon blijven.

Fiscale bijtelling bestelauto blijft bestaan?
Het kabinet geeft geen gehoor aan de wens van de Tweede Kamer om de fiscale bijtelling voor bestelauto’s af te schaffen. Op 31 oktober 2006 nam de Kamer de motie-Aptroot aan, die daarom vroeg. Daarmee hoopte het parlement de administratieve lasten voor het bedrijfsleven verder te kunnen verminderen. Ter compensatie moest dan de motorrijtuigenbelasting voor bestelauto’s omhoog. Staatssecretaris Jan Kees de Jager van Financiën ziet echter niets in het schrappen van de bijtelling, zo heeft hij de Kamer in een brief laten weten.

Volgens hem hoeft de regeling voor privégebruik bestelauto niet te leiden tot grote administratieve lasten voor het bedrijfsleven, omdat lang niet altijd een rittenregistratie hoeft te worden bijgehouden. En wanneer er wel een rittenregistratie wordt bijgehouden, gebeurt dit meestal door de werknemer.

Geen rittenregistratie
Eerder zijn de regels rond het bijhouden van een rittenregistratie al versoepeld. Een rittenregistratie hoeft bijvoorbeeld niet bijgehouden te worden wanneer de bestelauto niet voor privégebruik ter beschikking staat. De bestelauto staat niet voor privégebruik ter beschikking, wanneer:
  • de werkgever privégebruik verbiedt;
  • de bestelauto buiten werktijd niet gebruikt kan worden; of
  • de bestelauto (bijna) uitsluitend geschikt is voor het vervoer van goederen.

Een rittenregistratie is ook niet nodig wanneer er sprake is van doorlopend afwisselend gebruik van de bestelauto door meerdere bestuurders. De werkgever kan dan volstaan met een bedrag van 300 euro in de eindheffing te betrekken. Daarmee is een pakket ontstaan dat in veel gevallen voorkomt dat voor werkgever en werknemer administratieve lasten ontstaan.

Verdere reductie administratieve lasten
De staatssecretaris wil graag in overleg met het bedrijfsleven bekijken of er nog een verdere reductie van administratieve lasten mogelijk is. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het zodanig aanpassen van de criteria dat berijders van bestelauto’s die minder privégenot bieden, niet langer opgezadeld worden met administratieve lasten.

 




 
         
  » Nieuwsbrief » 2007 - Juli